SPAT onderzoekt

Luisteren naar Mozart maakt slimmer? – De positieve effecten van muziek op het brein

Toen ik naar groep 5 ging, vonden mijn ouders het een goed idee om mij naar blokfluitles te sturen. In de grote pauze moest ik opgesloten in een klaslokaal luisteren naar de valse noten van alle kinderen die duidelijk géén aanleg voor het instrument hadden. Mijn vriendjes speelden allemaal buiten. Dat vond ik niet gek, want mijn vriendjes waren cool en te zien aan aan de andere blokfluitleerlingen was het mij duidelijk dat coole kinderen niet op blokfluitles moesten. Behalve ik. Het was niet dat ik muziek niet leuk vond, integendeel, maar de lessen vond ik saai, onuitdagend en alles ging veel te traag. Na twee lessen had ik het boekje uit, waarna ik de welverdiende vrijheid nam om de drie lessen daarna lekker te spijbelen. En met succes: mijn ouders gaven de moed op muzikale aspiraties bij mij op, en ik hoefde niet meer naar blokfluitles.

Ik zal niet het eerste kind zijn geweest dat tegen zijn zin in naar muziekles moest. Vanwaar dan toch de vaak goed bedoelde pogingen van ouders om kinderen een instrument te laten spelen? Zijn er naast het feit dat het natuurlijk leuk is dat je later goed een instrument kunt spelen, ook andere argumenten aan te voeren om een kind verplicht naar muziekles te sturen? In de wandelgangen van onze samenleving doen verschillende ideeën de ronde over de positieve invloeden van het spelen van muziek, waarvan niet allen even betrouwbaar zijn. Een bekende hiervan is dat het luisteren naar de muziek van Mozart je baby of kind slimmer maakt. Dit idee is gebaseerd op een Amerikaans onderzoek uit 1993 door wetenschappers aan de University of California, Irvine (Rauscher et al., 1993). In dit onderzoek werd er door 36 studenten tien minuten lang naar pianomuziek van Mozart geluisterd. De onderzoekers vonden daarna een significante toename in de prestaties van studenten op hun ruimtelijk inzicht. Het effect van dit onderzoek was echter veel groter dan de onderzoekers verwachtten. Kranten en media in Amerika noemden dit het ‘Mozart effect’, wat inhoudt dat het luisteren naar klassieke muziek je kind slimmer maakt. Dit leidde in Boston tot een totale uitverkoop van cd’s van Mozart (Shaw, 2000). In verschillende Amerikaanse staten werd zelfs geprobeerd om iedere nieuwe moeder gratis een cd met klassieke muziek te geven om aan het kind te laten horen (AAAS, 1998).

De onderzoekers waren echter terughoudend in het bevestigen van het ‘Mozart effect’. Ze vonden enkel dat op korte termijn de ruimtelijke inzichten van studenten verbeterden, niet dat kinderen op lange termijn slimmer werden. Andere onderzoeken suggereerden dat het niet uitmaakt dat het om Mozart gaat, of om klassieke muziek: puur het feit dat er iets klinkt wat de luisteraar prettig vindt, leidt tot licht betere prestaties op korte termijn (Nantais and Schellenberg, 1999). Dit kan net zo goed een ander soort muziek zijn, of zelfs een voorgelezen verhaal wat de luisteraar spannend vindt. Het Mozart Effect is dus voornamelijk een interpretatiefout van de onderzoeksresultaten door de media.

Waar wél aanwijzingen voor zijn, is dat het actief beoefenen van een muziekinstrument positieve invloeden kan hebben op de ontwikkeling van de hersenen van kinderen. Canadese onderzoekers ontdekten dat muziekles op jonge leeftijd een positief effect heeft op de ontwikkeling van het geheugen (Fuijoka et al., 2006). In dit onderzoek werden kinderen tussen vier en zes jaar oud naar viool- en pianoles gestuurd. Na een jaar bleken ze een toenname in de hersenactiviteit te hebben in de linkerhersenhelft en daarbij bleken ze ook beter te scoren op geheugentesten dan kinderen die geen muziekles hadden. De kinderen met muziekles konden langere cijfferreeksen onthouden.
Muziek maken stimuleert niet alleen hersenactiviteit, maar het versterkt ook de verbindingen in de hersenen. Neuropsycholoog Hellmuth Petsche ontdekte dat het beoefenen van muziek de corpus callosum versterkt: dit is de verbinding tussen de rechter- en de linkerhersenhelft (Bastian, 2003). Hierdoor kunnen de linker- en rechterhersenhelft beter met elkaar communiceren. Dit is van belang bij het oplossen van complexe opdrachten. Een ander gevolg was een beter contact tussen de hersengebieden van Wernicke en Broca. Deze gebieden (vernoemd naar hun ontdekkers) zijn verantwoordelijk voor respectievelijk het begrip van taal en voor de productie van taal.

Uit verschillende onderzoeken blijkt dus dat het beoefenen van muziek een positief effect heeft op de ontwikkeling van het brein. Daarnaast zijn er nog andere voordelen te noemen, zoals het bevorderen van sociale contacten en het zelfvertrouwen (Scheidegger, 1997). Ook het passief luisteren naar muziek heeft positieve effecten op het brein. Het luisteren naar muziek heeft een positief effect op de aanmaak en het transport van dopamine (Ahvenainen, 2015). Dopamine is een stofje in de hersenen waardoor je je gelukkig voelt. Goed nieuws voor mensen die geen instrumenten bespelen dus. En zelfs wanneer je wel een instrument zou willen spelen, maar je helaas niet bedeeld bent met de aanleg hiervoor: zingen heeft ook positieve effecten op je brein. Uit een onderzoek van de Royal College of Music in Londen bleek dat mensen die samen zingen (zoals in een koor) of mensen die regelmatig een concert bezoeken minder last van stress hadden (Aufegger, 2015). Dit komt doordat bij het beluisteren van de muziek de stress hormonen cortisol en cortisone worden verminderd, waardoor je jezelf minder gestresst voelt. De zangers en zangeressen hadden zelfs nog een voordeel: tijdens het oefenen voor een concert trad dit effect ook al op.

Voordat ouders hun kinderen massaal naar muziekles gaan sturen, is het echter belangrijk te beseffen dat het kind zelf ook enige welwillendheid moet bezitten om muziek te spelen. Niet ieder kind heeft aanleg of enthousiasme voor muziek, en gedwongen muzieklessen kunnen voor vervelende associaties met muziek zorgen. Alhoewel passief muziek luisteren je niet slimmer maakt, kan het je nog steeds gelukkiger maken: het zorgt voor een aanmaak van dopamine in de hersenen, een stofje waardoor je je gelukkig vult (Benovoy, 2011).

En hoe is het met mijn blokfluitervaring afgelopen? Nou, ik ben nooit meer naar één muziekles in mijn leven geweest, maar ik speel al jaren enthousiast iedere dag op mijn gitaar. Misschien zijn die twee verloren pauzes uit mijn jeugd toch nog ergens goed voor geweest.