verkiezingen
SPAT vindt

VERKIEZINGEN 2017: Verstandskwestie

In aanloop naar de verkiezingen gaat er eigenlijk geen dag voorbij dat ik niet verwikkeld raak in een heftige discussie (met mijn vader, vooral) of een lekker kritisch stuk voorbij zie komen. Politiek is een flink ingewikkeld spelletje, vind ik. Zoals schaken, waar ik niet verder denk dan één zet. Of Wie Is De Mol, waar ik de aanwijzingen compleet mis. Ik begrijp de spelregels maar net. Politiek inzicht ontbreekt bij wel meer mensen, maar er is één groep in het bijzonder waar een heleboel in de samenleving voor wordt aangepast: verstandelijk beperkten. Van zorgtehuizen tot scholen en speciale sportverenigingen, maar hoe zit het met de stempas? Kun je politiek niet beter overlaten aan de mensen die competent zijn of in ieder geval doen alsof ze weten waar ze het over hebben?

Er zijn zo’n 2,3 miljoen verstandelijk beperkten en zwak begaafden in Nederland. Dat staat gelijk aan 28 zetels (RTLnieuws). De Kieswet stelt dat iemand mag stemmen wanneer hij zijn eigen wil kan bepalen en zelfstandig een stem kan uit rengen. Dat moet hij of zij alleen kunnen. Iemand met een geestelijke beperking mag niemand meenemen in het stemhokje, zo is het uitgangspunt (Zorgwelzijn). Veel verstandelijk beperkten wíllen wel stemmen, maar begrijpen geen bal van het stemformulier of het verkiezingsprogramma en kunnen daarom geen gebruik maken van hun stemrecht. Niet onbegrijpelijk natuurlijk, met 28 partijen en een heleboel bolletjes om in te kleuren.

Het is niet de bedoeling dat de politicus met de leukste naam (Plas-terk Plas-schaert hihi) ineens bovenaan staat, maar er is een keihard argument tegenin te brengen: gelijke rechten. Verstandelijk beperkten zijn misschien niet altijd in staat om zelf te stemmen, omdat ze bijvoorbeeld niet kunnen lezen of schrijven, maar ook zij leven in Nederland. De nieuwe regering maakt ook regelingen die hen aangaan, het is wel zo eerlijk als zij hier dan ook een stem in kunnen hebben. Ook als zij hier niet toe in staat zijn, kan dit geregeld worden via een machtiging. Officieel moet de gemachtigde de stem naar wens van de ondertekende uitbrengen.

Het is van belang dat deze grote groep mensen gehoord wordt. Verstandelijk beperkten kunnen namelijk meer dan gemiddeld baat hebben bij partijen die meer vrijmaken voor de zorg. Natuurlijk heeft iedere sociale groep behoefte aan andere ontwikkelingen (ook de groepen die niet mogen stemmen) maar op die manier wordt het een erg kinderachtig spelletje: als hij 7000 kernwapens heeft, dan mag ik dat ook. In dat geval vind ik ook dat die van Vier Handen Op Een Buik niet mogen stemmen, maar dat terzijde. Door verstandelijk beperkten hulp te bieden bij het maken van een keuze voor en in het stemhokje, kunnen we deze 2,3 miljoen mensen het gevoel van onbegrip mogelijk afnemen.

Hoewel mijn eerste ingeving vrij duidelijk ‘nee’ was, heb ik mijn mening toch een beetje bijgesteld na mezelf te hebben ondergedompeld in betogen van zorginstanties en richtlijnen van het kiesrecht. Naast dat de wens van verstandelijk beperkten er óók toe doet, moet zo’n beetje de grondwet worden gewijzigd om hier verandering in te brengen. De mooiste eigenschap van onze democratie: ieders stem weegt evenveel mee. En dat recht, daar moet je dan ook gebruik van maken.