SPAT onderzoekt

Waar is de menselijkheid in onze omgang met vluchtelingen?

Hoe ziet het leven van een vluchteling eruit na aankomst in Nederland? De documentaire In Procedure biedt inkijk in de belevingen van de Syrische Hassan tijdens de asielprocedure. Programmamaker en filosoof Sarah Rotteveel organiseerde een vertoning van deze film. Aansluitend volgde een debat waarin vraagtekens gezet worden bij de situatie waarin vluchtelingen in Nederland leven. Hierin kwam naar voren dat de behandeling van deze mensen tekort schiet. Rotteveel stelt dat er ergens in onze omgang met vluchtelingen iets goed mis is gegaan. “De mens staat niet centraal als iemand met potentie en talenten, maar als iets dat in leven gehouden moet worden.” Hoe menselijk is de wijze waarop Nederland met vluchtelingen omgaat? En wat kun je zelf doen?

Ontheemd leven als vluchteling

Hannah Arendt beschreef in 1943 de situatie van staatloze, verbannen joden. Als vluchteling worstelde Arendt met haar identiteit. Ze bekritiseert de gevolgen van exclusiviteit en het gebrek aan politiek bestaansrecht. Ze zegt daarnaast dat mensen sociaal ingesteld zijn: wanneer de banden met de samenleving onduidelijk zijn, heeft dat gevolgen voor iemands morele standaarden (Arendt, 1943, p. 116). Kortom, een verwarde sociale en politieke status tasten iemands identiteit en integriteit aan.

Vluchtelingen worstelen met hun bestaansrecht en met gebrek aan acceptatie in de nieuwe samenleving. “If we are saved we feel humiliated, and if we are helped we feel degraded” (Arendt, 1943, p. 114). Door culturele spanningen is de integratie van nieuwkomers een uitdaging in de EU. Volgens onderzoeker in migratie Tesseltje de Lange ligt de verantwoordelijkheid van inburgering niet alleen bij vluchtelingen zelf. Volgens haar is de gehele samenleving verantwoordelijk voor nieuwkomers.

Verhalen vertellen leidt tot gesprekken

Maker van In Procedure Jiska Rickels ontmoette Hassan bij haar vrijwilligerswerk in een Haarlemse noodopvang voor vluchtelingen. Ze vond de verhalen over martelingen heftig en ervoer de wanhopige situatie van vluchtelingen als vreselijk. Hierom wilde Rickels in haar filmwerk van dichtbij laten zien hoe verlammend een afwachtende leefsituatie is. Ze hoopt dat het publiek zich kan identificeren met Hassan, die zijn familie niet kan helpen. Volgens haar zijn veel kijkers van de documentaire aangespoord om vluchtelingen te helpen.

In april 2016 organiseerde Rotteveel met debatcollectief WATT een vertoning van In Procedure en een nagesprek in filmtheater ’t Hoogt te Utrecht. “De gesprekcultuur in Utrecht is beperkt. WATT gebruikt film om verhalen te vertellen. Verhalen vertellen is namelijk het krachtigste dat je kunt doen. In Procedure brengt bewustwording. Wij willen dat mensen verhalen als die van Hassan zien en horen. En dat ze deze dan ook aan anderen vertellen.”

De Correspondent roept op tot het kijken van de ontroerende film en het ondervragen van je vooronderstellingen. Ook Rotteveel wil dat mensen vragen stellen. “Veel mensen hebben een mening over sociale vraagstukken rondom vluchtelingen. Het is daarom naast bewustwording te creëren van wat er speelt ook belangrijk om nuance te zoeken. Dit doen we door met elkaar en met experts in gesprek te gaan. Ik vind dat constructieve gesprekken nodig zijn bij het vormen van je mening, dus ruimte voor debat moet er zijn. Het belangrijkste is dat mensen na de documentaire en het debat weggaan met meer vragen dan antwoorden. Dan zijn ze namelijk aan het denken gezet en gaan ze samen in gesprek.”

Levensveranderende ontmoetingen

Wanneer mensen met elkaar in gesprek gaan, komen ze nader tot elkaar. Als het op vluchtelingen aankomt, kampen veel mensen met onbegrip en angst. Sociaal psycholoog Esseline van de Sande zegt dat je de heersende angst voor vluchtelingen kunt bestrijden door de afstand tussen mensen te verkleinen. “Angst bestrijd je niet alleen met feiten. (…) Ontmoeten is de kern.” Ze bekritiseert de rol die de overheid speelt bij de heersende angst: “De overheid trekt het probleem naar zich toe, isoleert de vluchtelingen en houdt vrijwilligers op een afstand.” Van de Sande wil bijvoorbeeld dat vrijwilligers meer kansen krijgen. Angst en onbegrip kunnen we samen verkleinen, bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk toegankelijk te maken.

Rotteveel ervaart haar vrijwilligerswerk als taalmaatje als waardevol en leerzaam. “Het levert veel op, ik raad het iedereen aan! Of ik nu twee uur Netflix kijk of twee uur met iemand klets, dat is een uitgemaakte keuze. Mijn taalmaatje is echt mijn vriend geworden. Toen hij me onlangs met een etentje bedankte voor mijn hulp, had ik zoiets van ‘ja maar, het enige dat ik doe is twee uurtjes aan de keukentafel kletsen’. Maar hij zei: ‘Sarah, je begrijpt het niet. Als je alles verloren hebt, is het bijzonder als iemand gewoon luistert. Die twee uurtjes per week hebben me op de been gehouden.’ Je kunt dus enorm veel betekenen!”

Vluchtelingen moeten mensen worden

Volgens Van de Sande is de huidige opvangregeling mensonwaardig: “Nederland voert nu het slechtst denkbare beleid.” Ze noemt dat de sobere bulkopvang zorgt dat getraumatiseerde mensen van opvang naar opvang moeten. Volgens haar ‘willen we deze mensen gewoonweg niet’, terwijl het gaat om de Syrische middenklasse die goed voor zichzelf kan zorgen. Hulp moet anders. We moeten deze vluchtelingen kansen geven om zich waardig en nuttig te voelen. Van de Sande vraagt zich hierbij af hoe gastvrij Nederlanders zijn: “De vraag is niet alleen of er ruimte is in ons land, maar of er ruimte is in ons hart. Kunnen we, willen we die buurman of buurvrouw zijn?”

Van de Sande zegt dat de kritiek op het beleid vaak terecht is en dat aandacht voor persoonlijke elementen mist. Rotteveel zegt hierover: “Regels zijn nodig, maar met veel dingen in het beleid ben ik het niet eens. De mens zou centraal moeten staan als iemand die leeft, handelt en voelt. Als je rekening houdt met alles wat een mens nog meer is naast een levend organisme, zou het beleid er anders uitzien.”

“De situatie waarin vluchtelingen leven, breekt hen,” aldus Rotteveel. “Het raakt me dat vluchtelingen alleen het broodnodige krijgen. Wat dacht je van mentale ondersteuning voor je trauma’s of taallessen om in Nederland beter te kunnen functioneren? Maar wat me nog het meeste raakt, is dat je ziet dat de mensen kapot gaan. Ik weet niet wie of wat daar schuldig aan is, maar het is pijnlijk om te ervaren dat mensen een bestaan moeten opbouwen in een land dat ze niet begrijpen.”

Nederlands beleid

Rickels zegt dat vluchtelingen producten zijn geworden. Ze bekritiseert het eindeloze wachten dat vluchtelingen ondergaan. De huidige procedures in Nederland moeten verbeterd worden. Dit stelt ook De Lange. Volgens haar vallen de toegang tot de arbeidsmarkt en daarmee inburgeringsmogelijkheden tegen. Statushouders worden aan het werk gezet in een work-firstbenadering, maar er moet meer ruimte komen om naar eigen wens en mogelijkheden mee te doen in het maatschappelijke klimaat. Ze zegt dat re-integratieactiviteiten sneller, beter en persoonlijker moeten. Verschillende organisaties sluiten zich hierbij aan, zoals een platform dat talenten van vluchtelingen in de Nederlandse samenleving wil brengen. Dergelijke projecten bevorderen de integratie van vluchtelingen, omdat deze zelfstandiger, betrokkener en waarschijnlijk gelukkiger worden. Dit komt onze samenleving te goede.

Volgens een coalitie van een vijftigtal organisaties, Stay Human, wil de meerderheid van de Nederlanders ‘menselijk zijn’. Volgens de organisatie heerst er een wij-zij denken in onze maatschappij en verhardt onze samenleving door deze tweedeling. Stay Human streeft naar een vergroting van begrip, empathie en verbinding onderling. Ze wil mensen laten nadenken over wat een normale omgang is met vluchtelingen. Hiervoor gebruikt Stay Human krachtige campagnezinnen als ‘Als je niet weet wie je moet geloven’ en ‘Omdat het mensen zijn als jij en ik’.

Daar komt het uiteindelijk op neer: vluchtelingen zijn mensen zoals jij en ik. Wat zou jij in hun situatie doen? Ik spreek hier over ‘we’, maar zou willen dat die ‘we’ er niet was. Iedereen verdient menselijkheid. Er is geen wij-zij!