SPAT interviewt

Tuschinski Award-winnaar Noah Suhartono: “Mijn video’s brengen de straat in beeld: ongenuanceerd en rauw”

Deze maand ontmoette ik Noah Suhartono, alias NOASU. Dit aanstormend videotalent won in september de Pathé Tuschinski Award voor zijn afstudeerfilm How to Uninstall Life. Naast eeuwige roem, leverde de prijs ook een riant geldbedrag op. SPAT reisde af naar Amsterdam en sprak Noah op het dakterras van de openbare bibliotheek, met uitzicht op het Oosterdok.  

Noah, nog van harte gefeliciteerd met je Tuschinski Award voor je afstudeerfilm. Je hebt de afgelopen tijd vast enorm veel aandacht en publiciteit gekregen. Hoe ga je daarmee om?

“’Ik kreeg nooit echt waardering voor mijn werk, behalve vanuit de hiphopwereld. Van echte filmmakers heb ik nog nooit reacties gekregen, maar nu ik zo’n prijs win, krijg ik wel reacties uit die hoek. Nu willen zij opeens wel contact opnemen. Ik vind dat grappig, maar tegelijkertijd ook raar en eerlijk gezegd niet heel cool. Ik ben namelijk nog steeds dezelfde persoon en ik maak nog steeds dezelfde dingen. Uiteraard waardeer ik het ook wel, want mijn werk krijgt nu wel meer aandacht.’’

How to Uninstall Life is een documentaire en wijkt af van jouw eerdere werk. Heb je je ingelezen over hoe je documentaires moet maken?

“Nee. Ik denk namelijk dat je al een goede documentaire kan maken als er iets interessants speelt in je leven. Als je comfortabel bent met de hoofdpersoon in jouw documentaire, ontstaan de meest persoonlijke beelden. Het doet mij er dan niet toe of de cameravoering heel strak is, of dat de belichting juist is. Ik vind het misschien zelfs wel harder als dat niet zo is: dan is het beeld puur en niet georkestreerd. Het feit dat ik geen ervaren documentairemaker ben, heeft juist in mijn voordeel gewerkt.”

Onder de alias NOASU maak je video’s voor hiphopartiesten. Deze artiesten zijn vaak niet populair en worden niet snel geaccepteerd door de massa. Wat vind jij zo cool aan hen?

“In het straatleven gebeuren veel dingen waar je door media snel een negatief beeld van krijgt. Door deze jongens in beeld te brengen wil ik hun creatieve kant laten zien. De rauwe teksten zijn misschien wel inherent aan hun levensstijl, maar het draait om het totaalpakket. Er wordt vaak wel negatief over straatartiesten gepraat, maar met hun muziek dragen zij een steentje bij aan de creatieve samenleving.”

Waarom vind je hun muziek een positieve bijdrage aan de creatieve samenleving?

“Die jongens zouden ook allemaal nog op straat kunnen hangen, maar in plaats daarvan spenderen ze ook veel tijd aan muziek. Hun teksten gaan over dingen waarbij veel mensen zich niet comfortabel voelen, dat is een feit. Maar het gaat mij erom dat ze uit hun omgeving zijn, waarin ze in eerste instantie geen kant op kunnen. Door muziek zetten ze zichzelf in een positievere en creatievere positie. Voor mij is het simpel: als ik een nummer hard vind en er is een klik met de artiest, dan komt er waarschijnlijk een samenwerking.”

Inmiddels heb je redelijk je weg gevonden in de hiphopwereld. Hoe heb je dat aangepakt? Heb je tips voor beginners?

“Zeker in de hiphopwereld werk je met artiesten die vaak weinig hebben. Geen geld en geen management: het zijn ongeslepen diamanten. Als je als filmmaker heel non-conformistisch en materialistisch leeft, dan wordt het lastig om je te begeven in zo’n wereld. Ik waardeer het al heel erg dat artiesten überhaupt de stap zetten om muziek te maken. Zolang ik zelf mijn huur en eten kan betalen, ben ik fine. Ik vraag niet om veel en ik denk dat dat gunstig is in de wereld waarin ik me begeef.”

Hoe ga je om met de artiesten met wie je samenwerkt?

“Het komt niet voor dat ik pas op de draaidag de artiesten leer kennen. Vóór de draaidag hebben we al een paar keer gebrainstormd, of we kennen elkaar in ieder geval al. Dan weet je ook meteen of je op persoonlijk vlak een klik hebt. Als je als persoon geen klik hebt, dan kan het maken van een video heel lastig worden. Een muziekvideo is uiteindelijk een portret van een artiest en daarvoor moet er wel een connectie zijn. Met de meeste artiesten waarmee ik samenwerk, blijf ik ook vrienden.”

Welke editingprogramma’s gebruik je en wat is je favoriete apparatuur?

“Ik gebruik Adobe Premiere Pro, dat is best wel basic en gebruik ik vooral om te monteren. Voor ingewikkeldere zaken gebruik ik Adobe After Effects. Maar als je een visie hebt, dan kun je je idee ook uitwerken met andere editingprogramma’s. Wat ik qua apparatuur heel vet vind, is een analoge camera. Doordat je zelf foto’s moet ontwikkelen zit je echt in het ontwikkelingsproces. Elke foto kun je maar één keer schieten; er bestaat geen deleteknop. Je bent dus veel bewuster bezig met compositie en framing.”

Wat ga je doen met het prijzengeld? En wat kunnen we binnenkort nog van je verwachten?

“Ik weet het nog niet. Het geld is op dit moment erg welkom om rond te kunnen komen. Een 9-tot-5-baan is niet voor mij weggelegd: ik leef van projecten. Misschien dat ik later een deel investeer in apparatuur. Wat je van mij kan verwachten zijn vooral muziekvideo’s. Het lijkt me ook vet om samen te werken met labels als Top Notch. En verder speelt mijn afstudeerfilm hopelijk op andere locaties, als hij nog wordt opgepikt.”

Foto: Noah Suhartono