SPAT onderzoekt

De Olympische Spelen: brengt sport Noord- en Zuid-Korea weer samen?

De Olympische Winterspelen beginnen vandaag en ditmaal vindt het vierjaarlijkse sportevenement plaats in het Zuid-Koreaanse district Pyeongchang. In Pyeongchang, wat “vrede en voorspoed” betekent, zal tot en met zondag 25 februari onder meer geschaatst, geskied en gesleed worden. De deelnemende landen en hun afgevaardigde atleten hopen een reeks aan gouden plakken en eretitels mee naar huis te nemen, maar het credo: ‘meedoen is belangrijker dan winnen’ krijgt in deze internationale en diplomatieke context pas echt betekenis. Niet alleen bondgenoten, ook gedoogde vijanden zullen elkaar de komende weken onder ogen zien. Zal de vertaling van Pyenongchang een voorbode zijn voor de rivaliserende landen?

De openingsceremonie van de Olympische Spelen staat erom bekent dat het gastland zichzelf groots neerzet, waar alle deelnemende atleten met de vlag van hun thuisland zwaaien. Opmerkelijk is dat dit jaar het organiserende Zuid-Korea samen met haar tegenstrijdige en afgesloten wederhelft Noord-Korea onder gemeenschappelijke vlag loopt. Dat is niet het enige, want de landen hebben naar verluid ook hun ijshockeyteams samengevoegd tot één ploeg.

Het is niet de eerste keer dat beide staten onder gezamenlijke vlag naar buitentreden tijdens grootschalige sportevenementen. De vlag, waarop het Koreaanse Schiereiland en de eilandengroep Liancourt zijn afgebeeld, werd in 1990 ontworpen toen de eerste poging werd gedaan om beide landen te herenigen voor de Aziatische Spelen. Deze poging liep op niets uit, maar een jaar later werd het vaandel alsnog gebruikt tijdens tafeltenniscompetities in Japan en het wereldkampioenschap voetbal voor jongeren in Portugal. Daarna wapperde de vlag nog tot 2006 tijdens verschillende internationale wedstrijden, waarna het tot deze Winterspelen in de kast verdween.

Noord-Korea kennen we vooral als gesloten land, waar een driftige Kim Jong-un dreigt en experimenteert met nucleaire wapens, zijn volk indoctrineert, afsluit van de rest van de wereld en die het communisme in zijn land in standhoudt. Waarom zou het moderne en vrije Zuid-Korea tot toenadering willen komen met haar bovenbuur? Hoewel de landen officieel nog in conflict zijn, is het voor de inwoners nog altijd een stil gewortelde wens om het schiereiland te herenigen.

Glasnost en Perestrojka

De toenadering met de Olympische Winterspelen bewijst dat er nog altijd verbindingen bestaan tussen de inwoners van Noord- en Zuid-Korea. De Koreanen hebben vaak familie wonen in de andere staat, maar kunnen door het Zuid-Koreaanse isolement niet bij elkaar op bezoek. Vanaf 1988 werden sporadisch familiereünies toegestaan, al werd dat opgeschort toen de gemoederen opnieuw opliepen nadat een Noord-Koreaanse militair een toerist neerschoot. Maar na de plotselinge oproep van Noord-Korea om de twee naties alsnog te herenigen, kunnen die bezoekjes zomaar terugkeren.

In die oproep pleit Noord-Korea voor een vreedzamer klimaat tussen beide staten en zal de politieke spanning eerst verminderd moeten worden. Het Noord-Koreaanse persbureau benadrukt dat die vereniging “door samenwerking van alle Koreanen en het promoten van reizen” moet worden gerealiseerd. Maar daarbij zal Noord-Korea alles wat die totstandkoming in de weg staat, uit de weg ruimen. Dat klinkt niet als een strategie waar Zuid-Korea mee zou instemmen.

Het bekendste voorbeeld van een gespleten land dat weer samen één werd is natuurlijk Duitsland. Onze oosterburen werden eveneens na de Tweede Wereldoorlog verdeeld en kwamen na de hervormingen van Gorbatsjov en de val van de Berlijnse Muur in 1989 bijeen. Zelfs nu, bijna dertig jaar na dato, bestaan er nog culturele verschillen tussen oost en west. Het unificeren in Duitsland gebeurde na een kortere periode van afscheiding, waarin de Oost-Duitsers niet geheel onthouden werden van buitenlandse muziek, televisie en geschrift – iets dat in Noord-Korea wel het geval is. Door de relatief langere afscheiding zal het voor de Noord-Koreaanse ouderen, maar ook voor de jongeren, moeilijk zijn om de nationalistische opvattingen over hereniging van het schiereiland zomaar los te laten – juist dat maakt de hevige verschillen tussen noord en zuid merkbaar. De oproep van Noord-Korea lijkt zich daarmee te eenvoudig af te maken.

Schijnbeweging

De Japanse minister van Buitenlandse Zaken Taro Kono denkt dat Noord-Korea helemaal niet de bedoeling heeft om een vrediger pad in te slaan. Het samenkomen van Korea met één vlag, een gemeenschappelijk ijshockeyteam, de oproep tot hereniging, de heropende gesprekken en de in ere herstelde hotline tussen de twee landen is volgens hem een schijnbeweging. “Om eerlijk te zijn denk ik dat dit beeld veel te naïef is. Ik geloof dat Noord-Korea gewoon tijd wil kopen om verder te werken aan hun nucleair arsenaal.”

Het is ook te mooi om waar te zijn dat door het schaatsen, skiën en sleeën in Pyeongchang Noord- en Zuid-Korea, na de burgeroorlog, de jarenlange afscheiding en hun afwijkende politieke opvattingen, ineens weer samensmelten. De Olympische Winterspelen hebben in ieder geval de gesprekken weer geopend, al dat betekent niet dat de wispelturige Kim Jong-un zijn atoomspeelgoed zomaar in de ban doet. Maar wie weet, zal Korea eens weer voorgoed onder een gezamenlijke vlag lopen.